Begrip
Begrip — een abstracte cognitieve eenheid die de gegeneraliseerde wezenlijke kenmerken van een groep objecten of verschijnselen weerspiegelt. Een begrip structureert de waarneming, organiseert kennis en maakt classificatie, redenering, communicatie en voorspelling mogelijk. Een begrip wordt gekenmerkt door twee aspecten:
- Intensie — het geheel van wezenlijke kenmerken.
- Extensie — de verzameling objecten die onder het betreffende begrip vallen.
Functies
- Categorisering — het groeperen van objecten op grond van gemeenschappelijke kenmerken.
- Redenering — het opbouwen van logische verbanden en conclusies.
- Organisatie van het geheugen — het samenvatten van ervaringen voor effectief onthouden en leren.
- Communicatie — het creëren van gemeenschappelijke grondslagen voor kennisoverdracht.
- Kennisopbouw — het vormen van wetenschappelijke theorieën en modellen.
Structuur en operaties
Begrippen zijn onderworpen aan logische operaties:
- Vereniging — disjunctie van verzamelingen.
- Doorsnede — conjunctie van kenmerken.
- Negatie — complement van een verzameling.
Er wordt onderscheid gemaakt tussen:
- Geslachtsbegrippen — meer algemene klassen van objecten.
- Soortsbegippen — verfijnde groepen binnen een geslacht.
Het begrip in de wetenschappelijke kennisverwerving
Begrippen structureren empirische gegevens en maken het stellen van wetenschappelijke problemen mogelijk. Hun operationalisering is noodzakelijk voor meetbaarheid en het toetsen van hypothesen. De ontwikkeling van de wetenschap hangt samen met het preciseren en herzien van begrippenstelsels.
Cognitieve theorieën van het begrip
- Klassieke theorie
- Een begrip wordt gedefinieerd via een set noodzakelijke en voldoende kenmerken.
- Prototypentheorie
- Een begrip wordt bepaald door een typisch vertegenwoordiger van de categorie.
- Exemplarentheorie
- Een begrip wordt gerepresenteerd door een verzameling onthouden voorbeelden.
- Theorie-theorie
- Een begrip is ingebed in een systeem van mentale theorieën en kennis.
- Atomistische theorieën
- Begrippen worden beschouwd als ondeelbare cognitieve eenheden.
Relatie met taal
Begrippen worden uitgedrukt via taaltekens, maar zijn daar niet toe te herleiden. Taal legt conceptuele structuren vast en draagt deze over, maar de begrippen zelf kunnen ook in niet-verbale vormen bestaan (bijvoorbeeld in beeldend denken).
Probleemgebieden
- Ontologische status van begrippen (realisme vs. psychologisme).
- Structuur (strikte kenmerken vs. prototypen).
- Oorsprong (aangeboren of empirisch).
- Conceptuele relativiteit tussen verschillende cognitieve systemen.
- Het probleem van de adequaatheid van het begripsmatige beeld van de werkelijkheid.
Zie ook
- Concept
- Cognitieve psychologie
- Logica
- Taalfilosofie
- Epistemologie
Verwijzingen
- Stanford Encyclopedia of Philosophy — Concepts
- Internet Encyclopedia of Philosophy — Concepts